Nationaal Onderduikmuseum in Aalten onderscheiden met Gelderse Pauwenveer

Op vrijdag 10 november kreeg het Nationaal Onderduikmuseum de Gelderse Pauwenveer.

Dit is een prijs van het Cultuurfonds Gelderland en bedoeld voor personen en instellingen, die zich verdienstelijk hebben gemaakt op het gebied van cultuur en/of natuurbeheer. Bij de veer, afkomstig van de witte pauwen van Staverden, hoort een geldprijs van 25.000 euro en een kunstwerk ontworpen door Niels van Bunningen.

 

Gerda Brethouwer, directeur van het Nationaal Onderduikmuseum, nam de prijs in ontvangst. Bij de prijsuitreiking waren ook diverse vrijwilligers van het museum aanwezig. “We waren allemaal door het dolle heen”, wordt geschreven in een berichtje aan alle mensen die bij het museum zijn betrokken. “Dit is te danken aan jullie aller inzet, waarvoor veel dank.”

 

Op de website van het Cultuurfonds is het volgende te lezen:

 

“Dit jaar wordt de prijs uitgereikt aan het Nationaal Onderduikmuseum, “dat op een voorbeeld stellende manier kansen en bedreigingen aangaat, met de tijd mee verandert, aandacht heeft voor publieksbegeleiding, activiteiten ontplooit die aansluiten bij de actualiteit en eigenzinnigheid toont,” aldus de jury.

 

Het Nationaal Onderduikmuseum in Aalten verhaalt over het leven van een gemeenschap in ongewone tijden: de Tweede Wereldoorlog. Er wordt een beeld gegeven van het dagelijks leven van burgers in de bezettingsjaren 1940-1945. In Aalten is destijds een zeer hoog aantal onderduikers ondergebracht. Het museum presenteert deze verhalen van mensen in oorlogstijd interactief. Afgelopen jaar ontving het museum ruim 19.000 bezoekers. Dit jaar speelt het museum een belangrijke rol in het Jaar van het Verzet.

 

Als klein museum neemt het volwaardig deel aan het landelijk netwerk van Oorlogsmusea en Herinneringscentra. De keuze voor een meer thematisch museum is zes jaar geleden bewust gemaakt. Sindsdien heeft het museum binnen dit thema een missie ontwikkeld en probeert van daaruit aan te sluiten bij de actualiteit.

 

De jury is onder de indruk van de vele methodieken die het museum daarbij toepast, zoals een escaperoom, een programma van lezingen en debat over de vluchtelingenthematiek of een groep ‘verhalenvangers’ op zoek naar verhalen over vrijheid en rechtvaardigheid. Ook richting het onderwijs vervult het museum een belangrijke rol en opereert hier, evenals op verschillende andere terreinen, grensoverschrijdend. Er wordt hard gewerkt aan de voorbereiding van de 75 jarige herdenking van de bevrijding in 2020. Alle museale activiteiten worden mogelijk gemaakt door 4 vaste (1,9 fte) en zo’n 140 vrijwillige medewerkers.”

 

Foto: Antoinette Baanders, vrijwilliger van het Nationaal Onderduikmuseum